| PEUTERJAREN
1 - 3 JAAR
Het
is de leeftijd waarin het kind veel veranderingen ondergaat. De overgang
geschiedt geleidelijk zoals in elk groeiproces. Nu eens ontwikkelt het
kind allerlei nieuwe vaardigheden in een betrekkelijk snel tempo, dan
weer is er een periode waarin de woordenschat zich snel uitbreidt.
Het
einde van het eerste jaar en de daarop volgende periode kenmerkt zich
door een voorvorm van doelbewust handelen en constructiespel. Aanvankelijk
heeft het resultaat van een activiteit nog weinig betekenis, het is nog
zuiver functiespel waarin het alleen gaat om de actie. Geleidelijk aan
echter verkrijgt het kind meer ervaring en heeft het de mogelijkheid het
resultaat van zijn handelen te voorzien. Dit betekent een hele stap vooruit
in de ontwikkeling van zijn inzicht en intelligentie wat in een volgende
periode tot heel wat nieuwe spelactiviteiten aanleiding zal geven.
Om
te lopen:
Loopwieltje; trekdieren; grote vrachtwagen (plastiek); harde bal (groot);
hobbelwagen en grote dieren in mousse of hout waarmee het kind kan sjouwen
en zichzelf kan voortbewegen; kleine houten rijtuigjes.
Om
te kijken en te luisteren:
Kijkboekjes met één afbeelding per blad (hard karton en afwasbaar); prentenboeken
waaruit verteld en voorgelezen wordt en waarin het kind mee kan kijken;
versjesboeken die voorgezongen worden.
Om
te passen en te experimenteren:
Kleine holle kubussen en stapelbekers om te stapelen en in elkaar te steken;
grote stapelkubussen; blokkenwagen; inlegpuzzels; van 1 onderwerp per
puzzel en voorzien van knop naar kleinere en meerdere stukken per puzzel;
koord met grote kralen om te rijgen of garenklosjes; blokkenwagen met
blokken van verschillende grootte en formaat; papier en (dikke) stiften,
vilt en wasco; zand (nat en droog afgewisseld) en waterspeelgoed (emmertjes,
schopjes, zeefvormpjes) die gevuld en geledigd kunnen worden, kleurenkegel;
schroeftonnetjes; blokken of brievenbusstoof waarin door openingen in
het deksel verschillend gevormde blokjes gestopt kunnen worden; wagentje
of boot met houten pennen waarop schijven van verschillende vorm en kleur.
Om
een kameraadje te hebben:
Beer of zachte lappenpop, met gezichtje en een lapje of deken om toe te
dekken.
Om
fantasiespelletjes te spelen en te doen als grote mensen:
Beer; poppen; kleertjes die heel: gemakkelijk aan en uit kunnen; wagentje
met deken; kleren, hoeden e.d. om zich te verkleden; eenvoudig serviesje.
Om
buiten te spelen:
Grote bal; kruiwagen; trekwagen met vrachtmateriaal; driewieler.
Opmerkingen
en wenken
- Vanaf
de leeftijd van 2 à 3 jaar luistert het kind graag naar eenvoudige verhaaltjes
die zijn directe dagelijkse ervaring weergeven. Deze eenvoudige verhaaltjes
zijn niet alleen goed voor wat er verteld wordt maar ook voor de beïnvloeding
van de taalrijkdom en voor het gevoel van samenzijn dat heel belangrijk
is.
- Klein
houten auto's dienen eenvoudig en stabiel te zijn. Zij moeten goed vastgemaakte
wielen en andere delen hebben.
- Grote
vrachtwagens in plastiek moeten de mogelijkheid bieden tot laden, bovendien
moeten zij zeer stabiel gebouwd zijn, ieder kind probeert immers erop
te staan of erin te gaan zitten.
- Het
voortbewegen en steeds verplaatsen van dingen is nuttig omdat de kinderen
daardoor leren zich te oriënteren in de ruimte.
- Stapelbekers
en kubussen in hout of kunststof, stabiel en kleurig, kunnen ook gebruikt
worden als vormen om in het zand te spelen.
- De
houten stabiele bouwblokjes uit natuurlijke kleuren, met afgeronde hoeken
en kanten, weinig verschillende vormen aanvankelijk.
- Insteekbouwmateriaal
in hout of plastiek in verschillende vormen en grootte. In het begin
kiest men zeer eenvoudige grote delen en weinig kleuren.
|